Doorgaan naar hoofdcontent

Een kus van mijn leerling


De Nederlandse lessen van Itom Taal zijn vanmorgen begonnen na de zomervakantie. Langzaam stromen onze leerlingen binnen. Ze komen uit Azië en Afrika. Iedereen krijgt van mij een hand en soms maak ik een praatje. Terwijl ik met een collega in gesprek ben zie ik buiten in de verte Ahmed (de naam is verzonnen) aankomen lopen. Hij is weer eens te laat. En hij woont niet eens zo ver hier vandaan. Hij spreekt nauwelijks Nederland, maar is assertief. Hij stelt altijd veel vragen. Pijnlijke vragen schuwt hij niet. Hij spreekt behalve Arabisch goed Engels. Zijn moeder is Turks en zijn vader Koerdisch, een lastige combinatie. Ik besluit in een flits hem welkom te heten en loop snel naar de voordeur. 

Ik open de deur en heet hem van harte welkom, ook al is hij te laat. Ik steek mijn hand naar hem uit die hij onmiddellijk grijpt om mij naar zich toe te trekken zodat onze bovenlichamen botsen. Hij wil mijn heerlijke geurtje goed in zich opnemen, schiet door mijn hoofd. Maar hij drukt zijn wang stevig tegen de mijne en roept iets voor mij onbegrijpelijks en ik hoor mijn voornaam. Een kus zonder de lippen te gebruiken. Dat deed hij nog niet eerder met mij. 

Ik besef pas langzaam wat er is gebeurd. Hij brengt zijn vriendschap gewoon tot uitdrukking, of zoals zijn landgenoten zeggen, 'de deur staat altijd voor jou open'. Het voorval blijft de hele ochtend door mijn hoofd spoken. In zijn kringen is het heel gewoon dat mannen elkaar zo innig begroeten. Met een 'wangkus'. Het heeft niets met homo-seksualiteit te maken. Hij heeft een vriendin, weet ik. In Bulgarije. Een rijke dame die hij maar een keer in de drie maanden ziet. Ahmed mag dan nog niet zo'n goede leerling zijn, hij is blij mij te zien. We zijn gelijk.  En dat doet mij goed. 

Reacties

Populaire posts van deze blog

Een waxinelichtje aangestoken met mijn vriend en taalmaatje in de kapel. Hij betaalde de dertig cent, hoewel hij Islamitisch is. Maria en Jezus hebben ook voor hem een grote waarde. Een houvast. Vooral nu misschien. Het gaat niet goed met hem. Geboren en getogen in de oudste stad van de wereld, gevlucht voor het oorlogsgeweld in een bootje en onlangs opnieuw alles verloren. Op weg naar Parijs bijna alles kwijtgeraakt toen de bus hem achterliet bij een vreemd tankstation. 

ZwervenZonder mobiel, laptop en geld zwierf hij dagenlang in de Franse hoofdstad. Sliep in parken en riolen. Tot hij na dagen werd opgepakt omdat hij met een schaartje bezig was op straat in het hart van de zwaar bewaakte stad. Na een dag in een cel kreeg hij een aanval van een spierziekte die onder mensen in het Midden Oosten vaker voorkomt. 

PsychoseHij krijgt zware medicijnen en ziet kans via een kaartje van een tankstation zijn woonplaats te bellen en contact te krijgen via via met zijn familie. Hij heeft het gevoe…
Hij is agressief en laat duidelijk weten dat hij mij niet mag. Zijn gezicht is bleek, wat zoiets betekent dat hij klaar is om te vechten. Hij probeert me uit de tent te lokken. Mijn vriend negeert hem volkomen. We zitten met zijn drieën in de rookruimte van Mediant voor geestelijke gezondheidszorg.

Mustafa maakt een bekende gebaar wanneer de vijandelijke jongeman de ruimte heeft verlaten. Mustafa doet alsof hij een enorme splinter uit zijn voorhoofd trekt. "Alle Turken zijn niet goed wijs", zegt hij kalm. "Blaffende honden bijten niet", zeg ik tegen mijn Syrische vriend waarna ik uitleg wat ik daarmee bedoel. "Blaffende honden bijten niet", herhaalt hij mijn woorden.

Zijn 24-ste verjaardag vierde hij deze week in zijn kamer bij Mediant. Een slinger met vlaggetjes hangt nog boven zijn bed en op het tafeltje ligt een boek dat ik hem heb gegeven. Het gaat over het oneindige heelal. Er ligt een vel papier met aantekeningen onder het boek. Mustafa leest er fanat…
Schoten bij arrestatie voor politiebureau

Een schietpartij van dichtbij meegemaakt. Nota bene voor het politiebureau in onze stad. We deden boodschappen en hoorden, eenmaal buiten op de fiets, vier of vijf knallen vlak achter elkaar. ´Zal wel vuurwerk zijn´, dacht ik. Maar aan de houding van mensen op straat leidde ik direct af dat er iets bijzonders aan de hand moest zijn. Mensen stonden verstijfd naar de ingang van het politiebureau te kijken. Vier agenten zaten inmiddels bovenop een persoon die liggend op de grond geen kant meer op kon. In de verte hoorde ik een sirene van een politiewagen maar het gevaar was al geweken. 



Een week later hoorde ik wie de arrestant was. Het was een oud vriendje van mij. Iemand die ik redelijk goed ken. Voor velen de dorpsgek. Zijn vader was vroeg overleden en toen hij een jaar of 16 was vond zijn moeder hem oud genoeg om op eigen benen te kunnen staan. Dat was waarschijnlijk ook de laatste keer dat hij zijn moeder wilde zien. 

Zwartwerk
Hij is superhandi…